Apropal: coöperatie met palmhart en ziel

04.04.2017

Onbekend is onbemind. Dat geldt jammer genoeg ook voor onze palmharten, een lekker goedje uit Peru dat bij ons nog niet echt doorgebroken is. Maar daar brengt onze partner Apropal misschien wel verandering in. Directeur Sandra Esaine vertelt alvast wat meer over het productieproces van deze “Peruviaanse asperge”.

Anderhalf jaar wachten

De palmharten van onze Peruviaanse producent Apropal worden gewonnen uit een inheemse palmboomsoort met veel vertakkingen. Na het zaaien moet de boer tot anderhalf jaar wachten tot de palm volgroeid is. In deze groeiperiode heeft de palm heel veel water nodig. Het tropisch regenwoud is hiervoor de ideale biotoop, omdat het er bijna heel het jaar door regent.

Sandra: “De palmstengels moeten een bepaalde lengte hebben alvorens ze mogen gekapt worden, maar ze groeien snel terug. Twee maanden na het kappen groeit er alweer een nieuwe stengel. De plant veroudert wel snel: na 3 jaar oogsten moet je ze vervangen door een jong exemplaar.”

Hart boven hard

De stengels worden in stukken van 50 à 60 cm gekapt en gebundeld per 50 stuks. De landbouwers die dichtbij de fabriek wonen, brengen hun oogst naar de coöperatie.

Sandra: “Wij beschikken ook over een eigen vrachtwagen die dagelijks palmstengels ophaalt bij boeren die verderop wonen, of die een rivier moeten oversteken. Bij aankomst gebeurt er een eerste visuele kwaliteitscontrole. Onze ploeg is erop getraind en kan op het zicht goede van slechte kwaliteit onderscheiden. Veel hangt af van de zorg die de landbouwer aan de palm besteedde tijdens het groeiproces zoals voldoende bemesting voorzien en onkruid verwijderen. Ook van belang is of de palmstengels op het juiste moment gekapt werden: als je niet tijdig kapt, dan verhardt de stengel.”

De stengels worden ingedeeld in kwaliteitsklassen (van A tot D). Daarna wordt de bast verwijderd en blijft enkel het palmhart over. Vervolgens wordt er in de palmharten gesneden met een mes, want enkel het zachte deel is geschikt voor consumptie. Sandra: “De harde stukken worden weggegooid en als varkensvoeder gebruikt. We voeren momenteel een pilootproject om de bast tot compost te verwerken.”

Ingeblikt met water en citroen

De palmharten worden gewassen en machinaal versneden in gelijke stukken, die gedurende 5 à 6 minuten een kookpot ingaan op 85° C. Daarna worden de palmharten ingeblikt of in glazen bokalen verpakt met zout water en citroenzuur, voor een goede bewaring. De potten gaan door een ‘exhauster’, een soort stoomtunnel, om er alle resterende lucht uit te halen. Dan worden de potten afgesloten en gaan ze naar een 'autoclaaf', een stoomketel onder druk, om het pasteurisatieproces te voltooien.

Vanaf nu zijn de palmharten 3 jaar houdbaar. Het afgewerkt product blijft nog 5 dagen in quarantaine voor de ultieme kwaliteitscontrole. In de finale fase brengt Apropal etiketten en barcodes aan, en het product is exportklaar.

Hoe gebruikt de doorsnee Peruviaan palmharten in de keuken?

Eigenaardig genoeg ligt de consumptie van palmharten in Peru zelf heel laag. Het product is duur en weinig bekend. Een beetje absurd. De Peruvianen die wel palmharten eten, situeren zich in het hogere marktsegment en gaan dineren in de duurdere restaurants. De palmharten worden verwerkt in salades, in ovenschotels, met sauzen en in visschotels. En in het regenwoud worden ze naturel gegeten, rauw dus. Maar de smaak is subliem. De bewoners maken er een soort fettuccine van met citroen, olie en zout.

Zelf aan de slag met palmharten? Hier vind je inspirerende recepten voor palmhartensoep, -curry, -ceviche of een dip.

Apropal: coöperatie met palmhart en ziel Oxfam artikel

Apropal

San Martín, Peru
  • Cooperativa Agroindustrial del Palmito, Peru
  • Opgericht in 1997 om boeren een alternatief te bieden voor de cocaplantages
  • Sinds 2010 heeft Oxfam een duurzame handelsrelatie met Apropal
Lees meer

Abonneer je hier
op onze nieuwsbrief