De korte keten is geen nostalgische folklore, maar een leefbaar landbouwmodel

Vandaag (4 mei) start de Week van de Korte Keten. Oxfam-Wereldwinkels en Voedselteams steunen dit initiatief volop omdat een ander soort landbouw dringend nodig is. Boeren en consumenten tonen de weg vooruit naar een beter, rechtvaardiger en duurzamer voedsel- en landbouwsysteem. Nu is het wachten op onze beleidsmakers.

Landbouw in Vlaanderen: Een systeem dat achteruit boert

Het is slecht gesteld met ons eten. Ons voedsel- en landbouwsysteem is ernstig verziekt omdat de jacht op winst en rendementsverhoging ten koste gaat van het bodemleven, de biodiversiteit, onze gezondheid én de boeren.

In het Vlaamse Landbouwrapport — dat de stand van zaken in de Vlaamse landbouw opmaakt —  lezen we dat een landbouwer “in staat moet zijn om een leefbaar of eerlijk inkomen uit zijn bedrijf te halen.” Een logische eis, zou je denken, en toch is dat nu vaak niet het geval: “Steeds meer leiden marktmechanismen en machtsverhoudingen tot een (te) laag inkomen van de landbouwer”. Dat geldt trouwens niet alleen voor de Vlaamse landbouwer, cacaoboeren in Ivoorkust bijvoorbeeld kunnen niet eens overleven van hun werk op het veld.

Even verderop in dezelfde publicatie lezen we dat er problemen zijn van stress, armoede, liquiditeit, gebrek aan respect, toegang tot land en kapitaal…De druk op landbouwers wordt steeds groter. Boeren zijn vooral ondernemers geworden die hun balans in orde moeten houden en door slimme technologieën en grote investeringen hun landbouwbedrijf moeten ‘runnen’ in de hoop break-even te draaien.

Daarnaast is er de dreiging van klimaatwijziging en droogte, gaat de kwaliteit van onze landbouwbodems achteruit, en maken steeds meer mensen zich terecht zorgen over de zware impact van de landbouw op ons milieu. Je kan je terecht afvragen wie er beter wordt van zo’n landbouw. De boer vaak niet.

Ons voedsel- en landbouwsysteem is ernstig verziekt omdat de jacht op winst en rendementsverhoging ten koste gaat van het bodemleven, de biodiversiteit, onze gezondheid én de boeren.

We willen weten wat we eten

Maar er is hoop. De moderne consument wil controle over zijn bord — geen anonieme groenten en vlees, waar je de herkomst niet van kent en waarbij je je terechte vragen stelt over de voedingswaarde en de ecologische impact van je eten.

Deze verhoogde aandacht voor ons voedsel is deels het gevolg van een aantal voedselschandalen die de alertheid van consumenten aanscherpten, en het vertrouwen in de voedingsindustrie deden afnemen. Ook het dramatisch verlies aan biodiversiteit, levenloze beken en plofkippen doen alarmbelletjes rinkelen in vele hoofden.

Korte keten: de burger neemt het voedselsysteem in eigen handen

Terwijl overheden schijnbaar (m)achteloos staan tegenover de crisis in de landbouwsector, ontstaan er steeds meer burgerinitiatieven die er wél in slagen om boeren een eerlijke prijs te bieden voor gezonde voeding. Organisaties als Voedselteams en Oxfam-Wereldwinkels ontwikkelden concrete modellen waarin geëngageerde vrijwilligers alternatieve voedselnetwerken organiseren.

Met het concept van ‘korte keten’ — voedsel rechtstreeks bij de boer gekocht — herstellen we de link tussen de boer en de consument én kunnen we gerust zijn over de oorsprong van wat er op ons bord komt. Zo komt opnieuw de boer in beeld, niet de ondernemer.

Kiezen voor de korte-en-faire keten is eigenlijk een verzetsdaad.

Maak alle ketens eerlijk: boeren wereldwijd hebben het moeilijk

Het is toch niet meer dan rechtvaardig dat we uit respect voor de boer en zijn vakmanschap ook correct betalen. In die zin is de korte keten analoog aan de principes van eerlijke handel. Bij fair trade onderhouden klanten ook een rechtstreekse band met de producent, is er aandacht en respect voor de mensen achter de producten en staat de levensvatbaarheid van hun activiteiten voorop.

Op die manier verhelpen consumenten de systeemfouten in onze landbouw- en handelssystemen. Kiezen voor de korte-en-faire keten is dus eigenlijk een verzetsdaad. Het is de roep, van boeren en consumenten, om een leefbare landbouw die ‘goed’ voedsel voortbrengt.

Wanneer volgt het beleid?

Toch is er meer nodig. Systeemfouten zitten diep. Onze beleidsmakers lijken deze sociale, economische en ecologische schade alvast te beschouwen als ‘collateral damage’ van een voorts hoogst performant voedselsysteem. Vlaams bouwmeester Leo Van Broeck, Koen Dhoore (Landwijzer) en Voedsel Anders zijn heel duidelijk: de uitbuiting van onze boeren en landbouwgronden zijn een rechtstreeks gevolg van keuzes in ons landbouwbeleid en een doorgedreven economistische logica. Boeren zijn te veel bezig met het vullen van containers voor de handel en te weinig met het vullen van ons bord.

We hebben nood aan een beleid dat eindelijk eens afstapt van de simplistische overtuiging dat wat de markt voortbrengt het beste is, want dat is overduidelijk niet zo.

Laten we terugkeren naar de essentie van landbouw: onze maatschappij voorzien van voedzaam, evenwichtig voedsel en andere nuttige landbouwproducten. Maak boeren minder afhankelijk van grote investeringen en export, en zet voluit in op een gezonde, duurzame landbouw waarvan iedereen beter wordt.

Keer terug naar de essentie van landbouw: onze maatschappij voorzien van voedzaam, evenwichtig voedsel en andere nuttige landbouwproducten.

Solidaire, respectvolle netwerken van consumenten en boeren zijn het begin van zo’n ommekeer. Voedselteams en Oxfam maken er al werk van. Politici, laat je inspireren en boer mee vooruit.

Tom Ysewijn
Auteur

Tom Ysewijn

Beleidsmedewerker bij de dienst Politiek-Zuid van Oxfam-Wereldwinkels

Sofie Vanthournout Voedselteams
Auteur

Sofie Vanthournout

Coördinator bij Voedselteams

Over Voedselteams

Dit artikel verscheen eerder ook op www.mo.be.

 

 

Abonneer je hier
op onze nieuwsbrief