Skip to main content

Oxfam-Wereldwinkels vaart een vernieuwde koers

Een voortrekkersrol blijven spelen als het gaat over eerlijke handel met het Zuiden én de hand reiken naar duurzame initiatieven dichterbij.

Op een druk bijgewoond congres begin dit jaar gaven de vrijwilligers van Oxfam-Wereldwinkels massaal groen licht voor de nieuwe strategische richting van hun organisatie: ‘Oxfam-Wereldwinkels breekt uit’. Een interview met Luc Van Haute, algemeen directeur van Oxfam-Wereldwinkels en Oxfam Fair Trade.

FAIR magazine, 24e jaargang nr 100
29 mei, 2018

Dezelfde missie, andere aanpak

Waarom is het voor Oxfam-Wereldwinkels tijd om ‘uit te breken’?

“We willen opnieuw onze pioniersrol opnemen. In de loop van de jaren zijn we die een stukje kwijtgeraakt. Op ons initiatief raakte fair trade breder verspreid, zijn er meer actoren mee bezig en groeide het bewustzijn bij de mensen. We zijn trots dat we dat in gang konden zetten, maar het zorgt er ook voor dat onze specifieke boodschap wat opgaat in de grootste gemene deler. We zijn niet meer de enige die de publieke opinie aanspreekt over dit thema. En we zijn niet meer de enige die fairtradeproducten verkoopt. Da’s goed. Maar het feit dat wij verder
gaan, de lat altijd maar hoger leggen, handel tot op het bot eerlijk willen maken, dreigt te verwateren in de grote poel van boodschappen over duurzame voeding.”

“Wij willen handel tot op het bot eerlijk maken.”
Gaat de organisatie een radicaal andere koers varen?

“Onze missie blijft dezelfde: ‘Oxfam-Wereldwinkels is een democratische vrijwilligersbeweging die door haar strijd voor een rechtvaardige wereldhandel opkomt voor ieders recht op een menswaardig leven.’ We gaan dus zeker niet radicaal een andere richting uit. Wel schaven we aan de manier waarop we dat doel nastreven. We kiezen resoluut voor het principe ‘movement by market’. We zijn in de eerste plaats een beweging die gespecialiseerd is in eerlijke handel en die voor een breed publiek activiteiten organiseert die maatschappelijke verandering in gang zetten. Daarnaast drijven we ook zelf eerlijke handel. Omdat we willen tonen dat het kan, om het marktaandeel van eerlijke handel te vergroten en om kennis op te bouwen over de handelsketens waarover we spreken.”

Wat zullen we dan zien veranderen?

“Op alle vlakken zal je merken dat we naar samenwerkingen zoeken. Tot voor kort hanteerden we soms te vaak het idee ‘wat we zelf doen, doen we beter'. Of toch voor de volle honderd procent zoals we het zelf willen. Maar we beseffen dat dat niet altijd haalbaar is. Dus gooien we de deuren open en zoeken we naar raakvlakken met andere organisaties, nationaal en lokaal.”

Welke?

“Op ons congres zijn organisaties zoals Komosie - vooral bekend van de Kringwinkels - Hart Boven Hard en Boeren & Buren zich komen voorstellen. Nog niets is definitief. Lokaal bestaan er ook al heel wat banden met alle mogelijke organisaties. Vaak delen we zelfs dezelfde vrijwilligers. We zien linken met Voedselteams, Broederlijk Delen, FairTradeGemeente, lokale overheid, scholen, 11.11.11, jeugdverenigingen ... Die gaan we vanuit de nationale koepel meer stimuleren."

 

Duidelijke en gedeelde doelstellingen

Zullen we in de plaatselijke wereldwinkels dan iets merken van de nieuwe wind die waait?

“Ongetwijfeld. Achter de schermen zijn we op dit moment aan het werk om samen met elk van onze 235 vrijwilligersgroepen duidelijke kerndoelstellingen te kiezen. Willen ze vooral iets veranderen door faire producten te verkopen, zullen ze in de eerste plaats hun kennis over de internationale handel verspreiden, richten ze hun pijlen op het overtuigen van politici of trekken ze met campagnes en acties naar het publiek? Door te focussen en banden te smeden met anderen die hetzelfde doel hebben, kan elke vrijwilligersgroep meer bereiken. En zo bereikt de totale organisatie meer. Ook denken we dat nieuwe vrijwilligers makkelijker de weg naar onze organisatie zullen vinden als de doelen helderder zijn."

Meer samenwerking tussen de organisaties die werken aan duurzaamheid. Dat klinkt interessant, maar dreigt niet het gevaar dat het specifieke werk van Oxfam-Wereldwinkels opgaat in de massa?

“Zo zien we het niet. Door samen te werken en alles beter op elkaar af te stemmen, kunnen alle organisaties samen meer impact hebben. Iets betekenen voor de maatschappij gaat voor op onszelf profileren als organisatie. We moeten erkennen dat we tot nu toe te vaak ‘naast’ andere organisaties werkten. Binnen de duurzaamheidsbeweging willen we een trekker worden. We zien onszelf daar de pioniersrol opnemen die we voor fair trade opgenomen hebben: duurzame voeding meer mainstream maken, de lat hoger leggen. Daarin hebben we onze strepen al verdiend.”

Wat is er nodig om dat in de praktijk te kunnen brengen?

“We passen perfect in de beweging die ijvert voor duurzame voeding, met een groeiend bewustzijn voor ecologische en economische duurzaamheid, voor korte keten, enzovoort. Daarom trekken we onze filosofie over eerlijke Noord-Zuid-handel nu open naar eerlijke handel in het algemeen. Handel binnen het Noorden is ook niet altijd helemaal koosjer. De markt lijdt aan dezelfde ziektes: grote bedrijven leggen zware druk op lokale landbouwers die geen fair inkomen kunnen verwerven met de bijdrage die ze leveren. Wel behouden we onze focus op het Zuiden. Want naast de gelijkenissen met boeren van hier, staan producenten in het Zuiden meestal nog voor extra uitdagingen. Ze krijgen minder omkadering, zoals infrastructuur, subsidies en educatie."

Zien we die terugkeer naar een trekkende rol ook op het vlak van actievoeren? Keren we terug naar de tijd van de antirakettenbetogingen?

“In zekere zin kan je het zo wel zien. (lacht) Dat wij de antirakettenbetogingen aanvuurden in de jaren 80, illustreert hoe sterk de wereldwinkelbeweging toen ingebed was in de brede maatschappelijke beweging voor een betere wereld. Onze wereldwinkels waren er de draaischijf van. Qua spirit moeten we terug naar die periode. Al betekent dat niet noodzakelijk dat we dat op dezelfde manier moeten doen als toen. Terwijl we ons een tijd sterk gefocust hebben op eerlijke handel en inhoudelijk op onszelf terugplooiden, worden we nu opnieuw wereldverbeteraars in de ruime betekenis.”